Onder het motto: “Een gewaarschuwd lezer is er twee waard”, moet ik u even het volgende melden. Deze post gaat niet zozeer over Leeds gaan. Helemaal niet eigenlijk. Of misschien een beetje, ik ben er zelf nog niet uit. Misschien moet ik overwegen om het gedeelte ‘op de Noordzee’ van de blogtitel weg te laten en het simpelweg bij ‘Odyssee’ te houden. Want het leven is een Odyssee, dat kan ik u nu al zeggen, lieve lezer.
De afgelopen dagen waren, om het zacht uit te drukken, bewogen. Ik ben mezelf een paar keer tegengekomen en heb mezelf ook een paar keer teruggevonden. Ik bevond me in een soort state of flux. Volgt u nog? Indien niet, mogelijk verwarde lezer, laat het niet aan u hart komen. Ik volg soms ook niet meer. ‘Volgen’ is overrated als je het mij vraagt. Lees maar wat verder (als u tijd kan vrijmaken tenminste) en wie weet, wordt het nog wel duidelijker.
De eerste clash met mijn innerlijke Zelf (ik wil mezelf geen goddelijke of majesteuze identiteiten aanmeten maar ik weet anders niet goed hoe ik het duidelijk kan maken dat het over een deel van Marie gaat, niet over het geheel) werd teweeg gebracht door het besef dat ik over ongelofelijke vrienden beschik. Mijn oproep in de vorige post dat ik graag brieven krijg, werd meteen beantwoord door een paar mailtjes met de belofte van een brief en één uiterst ontroerende getypte brief (dat mag dus ook altijd, we zijn niet kieskeurig hoewel ik het graag heb in Calibri 12, interlinie 1,5). Zouden al mijn wensen werkelijkheid worden als ik ze simpelweg op de blog zet? Laten we eens proberen: ik wil graag een Macbook, een Illy koffiemachine en dagen die 100 uur duren. En nu maar wachten op respons…
Nog even verder over die vrienden. Ik ga beginnen met de groep uit Paridaens, de eeuwige negen… De vriendschap is ontzettend hecht, we weten heel veel van elkaar maar de gesprekken gaan zelden over gevoelens. Hoewel er al heel wat serieuze onderwerpen de revue zijn gepasseerd en de discussies vaak verhit waren, zijn we maar heel zelden emotioneel. In je brief, Tine, las ik eindelijk eens een emotie, een gevoel. Het heeft ons meer dan 700 kilometer afstand gekost om tot die ‘fase’ over te gaan…
Dan zijn er nog de historici die mijn leven kleuren. Ze vertelden me dat ik nog regelmatig door hun gedachten wandel en dat vind ik hartverwarmend. Ik denk nog dagelijks aan hen allemaal en zo heb ik het gevoel dat we tenminste in gedachten nog verbonden zijn. Deze zomer vroeg één van die historici me of ik herinnerd wilde worden, of ik belangrijk wilde zijn. Ik had daar toen niet echt een rechtlijnig antwoord op. Ik denk dat ik herinnerd wil worden om wie ik ben, niet zozeer om wat ik gedaan heb. Ik wil belangrijk zijn voor de mensen die ik liefheb. Alles wat daarbij komt, is maar mooi meegenomen.
U moet weten, lieve en hopelijk iets minder verwarde lezer, dat er één ding is die al mijn vrienden, hoe verschillend en uniek ze allemaal zijn, gemeenschappelijk hebben. En dat is mijn bewondering. Ik bewonder ieder van hen op hun eigen manier. Waar die bewondering precies ligt, is voor iedereen anders maar ik vertel het jullie graag. Maar niet op deze blog, niet op dit openbare medium. Nee, de individuele bewondering zal ik elk van jullie briefgewijs en ten gepaste tijde mededelen.
Ik overweeg om deze blog ook na mijn terugkeer bij te houden. De Odyssee eindigt immers niet in januari. Of toch de mijne niet. Ik hoop dat veel van de mensen die nu deel uitmaken van mijn leven, met me mee zullen gaan op deze tocht. Al is het maar door te blijven lezen. Een mens heeft immers altijd stuurlui, matrozen en kapiteins nodig. De beste stuurlui staan NIET aan wal in mijn leven, dat kan ik u verzekeren…
Tenslotte nog even dit. Op de vraag: “Wat wil je later doen?” heb ik altijd een beetje ontwijkend geantwoord. Enerzijds omdat ik me mentaal al wilde voorbereiden op academische werkloosheid. Anderzijds omdat ik er echt nog geen flauw benul van had. Ik ben de laatste weken een stap dichter gekomen. Denk ik. Of wie weet, heb ik wel een stap achteruit gezet. Of twee.
Ik wil later misschien wel schrijven. Ja, gewoon schrijven, dat lijkt me wel wat. Wellicht heb ik er een te romantisch beeld van maar laat me dat even geloven. Nu het nog even kan. Laat me denken dat ik later kan schrijven met zicht op ‘de rode tak van de trage herfst‘, met een koffie die ‘smaakt naar meer, naar jou, naar meer van jou‘, in een taal met alleen jouw naam. En dan hoop ik dat mijn schrijven langzamerhand mooier wordt, dat het meer mensen in vervoering brengt, dat het bijdraagt tot een ambitieus maar niet onmogelijk gelukkig zijn. En dat het ‘een gebroken hart met confituur‘ kan helen… Dat vooral. Dat vooral, zoete lezer.
Met genegenheid.
x
Muziek: London Train – Heather Nova
Iemand die ervoor kan zorgen dat ik nog nooit ben gestopt met lezen tot de finale begroeting van de dag, iemand die ik daarenboven misschien wel van haar – ik zal ooit wel al eens achter je gezeten hebben in de les – maar zeker niet van pluim ken, zo iemand mag niet stoppen met schrijven. Nog veel introspectie, reflectie en plezier gewenst!
Ik ben fan!
Weg met ‘Goedele’, hier komt ‘Marie’.
Uw trouwe lezer.
Pingback: I’ll be holding all the tickets and you’ll be owning all the fines | Odyssee.